Wat is jouw leeftijd?


Tijdens het afnemen van een intelligentie test bij een kind van tien.

Toen gebeurde het. Leeftijd dubbele punt. Ik kijk hier drie keer per week naar.

Leeftijd dubbele punt. Mijn gedachten willen afdwalen, maar kunnen niet.

Ik heb namelijk een belangrijke taak. Wat deuren kan open, sluiten. Wat een toekomst kan bepalen. Een verleden teniet kan doen. Of dit een druk op me legt. Nee hoor, we hebben gewoon plezier. misschien voelen ouders een druk, maar op dat moment..in dat kamertje hebben we dikke pret.

Wat is jouw leeftijd? Leef Tijd. Die vraag krijg je maar al te vaak.

Leeftijd. Vandaag kijk ik met andere woorden naar dit ene woord. Er gebeurt iets in mij.

Vaak wordt die vraag beantwoord met een wedervraag. Hoe oud denk je dat ik ben? Alsof je je schaamt voor je leeftijd. Of juist trots bent op je leeftijd.

Wat is je leeftijd? Wat is je Leef Tijd?

Wat is de tijd dat je hebt geleefd? Vandaag.

Heb je echt geleefd? Of maar wat gedaan?

Heb je echt echt geleefd? Of was het meer een laten gaan?

Bij het schreeuwen in het verkeer, het lopen stressen tijdens een vergadering. Heb je echt geleefd?

Oh je was jarig vandaag? echt geleefd? of meer met social media bezig geweest? Had je een momentje voor jezelf? ja, voor jezelf. Even alleen. Even genieten van je eigen ademhaling. naar jezelf kijken in de spiegel en blij zijn dat je nog leeft.

Wat als we het veranderen? Onze leeftijd, wordt de tijd dat we echt geleefd hebben.

Dan kan een zure pruim van tachtig opeens dertig zijn. En is een fanatiekeling, een natuurbewonderaar van zestien toch wel veertig.

Nu staat leeftijd voor een jaar. maakt niet uit of je echt geleefd hebt gedurende twaalf. leeftijd telt door. Houdt geen rekening met wat jij vindt, hoe jij je vandaag voelt, hoe mensen op je overkwamen, jouw eigen reacties. leeftijd telt door. De klok tikt door. Tik tik tik.

Leven, dus niet zomaar bestaan. Of het maar laten gaan. Nee, echt leven, voelen. Echt er voor gaan. Aanraken. Kijken. Nog een keer kijken. Spontaan een gesprek aan gaan. Je hart horen kloppen. Niet wachten tot morgen, maar nu. Hier. Omdat het kan. Omdat het nu kan. Omdat ik nu leef.

Je hebt het al opgegeven. Je leven. Je leeftijd. Het wordt je gevraagd en dan geef je ook niet eens antwoord. Weer zo’n wedervraag. Weer een spel. Je mag raden hoe oud ik ben.  Dat zeg je, maar je ogen verraden een afstand van het leven. Van ons. Van nu. Nu en straks. Daartussen leeftijd.

Geniet van je leven. Van je leeftijd. Van het wonder dat het leven kan zijn. Van de pijn die het leven ook kan brengen. Geniet nu. De tijd zal komen dat je niet meer leeft. Echt. Dat je daar dood ligt in een kist, in een oven. Dat je as per ongeluk terechtkomt in de neusgaten van een dierbare of je botten uit de kist worden gehaald, omdat er iemand anders is heen gegaan.  De tijd komt dat je niet meer kan reizen, boeken kan lezen, kan koken, wandelen, sporten, zwemmen, duiken, shoppen. Kletsen met een rode wijn en pure chocola. De tijd komt, dat je leeftijd stopt.Niet doorgaat. Niet op pauze, nee stopt. Dat je stopt met bestaan. Maakt niet uit dat je je jonger voelt. Klaar. Einde. Stop. Met leven. Met gaan. Met er zijn.

Tot die tijd leef. Doe. Schreeuw. Heb lief. Geniet. Lach. Huil. Tot die tijd. Geef antwoord op de vraag. Wat is je leeftijd? Niet met een mysterieuze lach. Een aarzeling. Een onhandigheid.

Dit is mijn leeftijd. Ik geniet ervan en ik neem het ervan. Leef.

 

Djenn Wasabi